Van vertegenwoordiger tot visser

by Femmigje Andersen-Sijtsma 8. July 2008 12:52

In het kader van ‛Vakantie in eigen gemeente - waarom zou je verder weg?’ besloten Bjarke en ik een weekend te gaan kamperen op Landegode, een eiland dat 10 km ten noorden van Bodø ligt. Dit reisdoel wekte nogal verbaasde gezichten op bij Bjarke’s collega’s die ervan uit waren gegaan dat we een vakantie naar Nederland of Denemarken hadden gepland. Maar bij navraag bleek geen enkele collega ooit op Landegode te zijn geweest en in één klap was ons vakantieoord hyper exotisch.

Terwijl Bjarke in de rij stond om kaartjes te kopen voor de catamaran naar Landegode, bleef ik bij onze rugzakken zitten wachten. Het duurde niet lang of een drietal Nederlands sprekende personen kwamen vlak naast me zitten. In eerste instantie dacht ik dat het om toeristen ging, maar uit de gesprekken kon ik op maken dat de jongste van het stel, een man van rond de 40, aardig bekend was in deze streek. Dus na een kwartier te hebben ‘meegeluisterd’ besloot ik toch eens te informeren. Deze man bleek Dennis te heten, een vertegenwoordiger uit het Gooi die ruim een jaar geleden met zijn vrouw en twee kinderen naar Landegode geëmigreerd is en daar nu als visser werkt. Een wel heel bijzondere carrièreswitch! De twee andere Nederlander bleken zijn ouders te zijn, die momenteel op bezoek waren. Ze waren even op het vasteland geweest, omdat de schilderijen van vader Pangemanan met motieven van Noord-Noorwegen momenteel in de kunstgalerie van Saltstraumen worden tentoongesteld.

Bij aankomst op Landegode konden we ook meteen kennis maken met de vrouw van Dennis, want die stond de catamaran al op te wachten om te helpen bij het aanmeren en de loopplank op de boot te rollen.

"Het vrouwtje van Landegode" Deze berg ziet er (met wat fantasie) uit als een zwangere vrouw die op haar knieën ligt. Volgens een eeuwenoud verhaal is deze vrouw zwanger van haar minaar uit Lofoten en daar staart ze met een verlangende blik naar het noorden.

 

Op Landegode wonen ongeveer 50 mensen en op de basisschool zitten 7 leerlingen. Alleen aan de zuidkant van het eiland loopt een weg, niet langer dan 10 km. Er is een supermarktje die elke dag, behalve in het weekend, 2 ½ uur open is. Landegode is dan ook niet een attractiepark met hordes toeristen, eerder een utopia voor de rustminnende natuurliefhebber. De foto’s op: http://www.andersensijtsma.be/linpha-1.2.0/viewer.php?albid=3548&stage=2 zeggen volgens mij genoeg.

We besloten onze tent op te slaan naast een bos (lees: toilet) en vlak aan zee (lees: douche + afwaswater). Het enige wat aan deze idyllische plek ontbrak was drinkwater. Aangezien er niet veel smeltwater meer uit de bergen komt en het ook al een poos niet heeft geregend, waren de meeste beekjes uitgedroogd. We moesten ruim 2 km lopen naar het dichtsbijzijnde beekje. Met de gedachte: Voor ons is het vakantie, voor heel wat mensen in Afrika een dagelijkse realiteit, konden we ons prima verzoenen met deze korte wandeling met drinkflessen.

Om zoveel mogelijk bagage uit te sparen (elke kilo is er één teveel als je een eind moet lopen), hadden we voornamelijk “droogvoer” mee. Zie hier ons ontbijt (solide kost):

Hunebedbrij: Havermout, müsli, kaneel en suiker, het ligt als een steen op je maag.

Op zondag besloten we de hoogte in te gaan en Kvigtinden, een top van 788 m., te beklimmen. Het was bijzonder spectaculair, maar de laatste 20 meter wat mij betreft toch wat TE spectaculair. Ik word behoorlijk duizelig van richels van een meter breed met een doorkijkje met een afgrond van 600 meter... we namen genoegen met het ‘bijna bereiken’ van de top.

Op maandag wilden we proberen om aan de oostkant van het eiland te komen, maar dat viel nog niet mee. Toen de 10 km lange weg ophield moesten we verder over grote ronde stenen langs de kust. Een wandeltocht waarbij het behoorlijk aankomt op je evenwicht!

Aan de kust liggen grote...

En heeeeeeeel grote stenen.

Tijdens een korte pauze om even van het vele balanceren te bekomen, zagen we een bruinvis voorbij zwemmen. Een machtig gezicht!

Na drie dagen op Landegode met haar prachtige witte zandstranden, temperaturen van rond de 25 graden en een halve fles zonnebrandolie lichter, konden we niets anders dan concluderen dat dit eiland inderdaad erg exotisch is.

Bodø

Móéten we echt op vakantie?

by Femmigje Andersen-Sijtsma 3. July 2008 12:20

Wat is er fijner dan heerlijk thuis blijven als het weer mee zit? Gisteren waren we met onze vrienden Ørjan en Margaret en hun drie dochters een dagje op het strand (een strand dat we helemaal voor ons alleen hadden trouwens). Lekker barbequen, spekjes roosteren, ja zelfs een beetje badderen in dat ijskoude zeewater. Dat is puur genieten, maar voor Ørjan en Margaret ook vet balen, want vanavond vertrekt hun trein naar Zuid-Noorwegen waar ze een paar weken op familiebezoek gaan. "De kinderen verheugen zich enorm op die vakantie, want daar kunnen ze lekker met hun achterneefjes en -nichtjes spelen, maar voor ons is het een fiasco. Als het zulk heerlijk weer is, blijven we honderd keer liever thuis," wist Margaret me te vertellen en vlak daarna vertrouwde ze me toe dat ze vandaag precies 14 jaar getrouwd waren. Op mijn vraag wat hij zijn vrouw op hun trouwdag had gegeven, moest Ørjan beschaamd toegeven dat hij met lege handen van zijn werk was gekomen vandaag. "Ze zei zelf dat ze niks wilde hebben." Toen moest ik toch eens een hartig woordje met hem spreken. Na veertien jaar huwelijk zou hij toch moeten begrijpen dat wat vrouwen NIET zeggen vele malen belangrijker is dan wat ze wel uitspreken. "Je hoeft me niks te geven" betekent: "Maar ik zou het wel heel leuk vinden, als je het wel deed, en als je het niet doet, ben ik teleurgesteld." Geschokt door deze nieuwe kennis, moest Ørjan toegeven dat hij ernstig gefaald had. Maar al gauw verscheen er weer een glimlach op zijn lippen, toen ik hem ongezien een reep chocolade in handen wist te duwen. Helaas kent Margaret haar man al langer dan vandaag en ze doorzag deze list dan ook onmiddellijk. Gelukkig is het uiteindelijk het idee dat telt!

Moeten we echt op vakantie? Ørjan en Margaret "vieren" hun trouwdag op het strand.

Ingrid en ik zijn helemaal klaar voor een potje "Vetzak-frisbee"

Kristin is ontzettend sterk. Pippi tilt haar paard op, maar zij een enorm rotsblok!

Bodø

De inbreker

by Femmigje Andersen-Sijtsma 1. July 2008 14:08

Daar gaan we dan... Femmigje gaat voor het eerst een blog schrijven. Eens kijken hoe lang ze dat gaat volhouden.

Aan de hand van de spannende titel gaat mijn eventuele lezerspubliek er misschien al bij voorbaat van uit dat er met deze eerste blog meteen een spectaculaire toon wordt gezet, maar niets is minder waar. In feite is deze titel niets anders dan het uiten van mijn frustratie over de teloorgang van het vertrouwen in de mens, die ik afgelopen weekend aan den lijve heb ondervonden.

Altijd heb ik gedacht dat ik eruitzie als een betrouwbaar, eerlijk mens (dat ik geen strafblad heb, moet toch van mijn gezicht afstralen, dacht ik), maar afgelopen zondag ben ik dan toch met de neus op de feiten gedrukt. Ik zie er blijkbaar bloedsuspect uit.

Het zit namelijk zo: van vrijdag tot zondag hadden wij het vakantiehuisje van Bjarkes werk te leen (aha gratis vakantie) en bij dat geweldige onderkomen pal naast een sprankelende rivier die behalve als ons drinkwater ook fungeerde als frisse douche hoort een boothuis. De grote vraag was alleen waar dat boothuis zich bevond. Volgens Bjarkes collega's een flink eind van het vakantiehuisje, ergens aan de fjord. Aangezien fjorden in de regel kilometers lang zijn, was deze beschrijving verre van nauwkeurig te noemen, maar op goed geluk liepen wij, gewapend met de sleutel van het boothuis, naar de plaatselijk camping. Bjarke meende zich nl. te herinneren dat het boothuis daar ergens zou moeten liggen. Al gauw bleek de hele oever van de fjord bezaait met boothuizen, maar goed, ook als je op zoek bent naar een nog onbekende roeiboot moet je roeien met de riemen die je hebt, dus ondanks Bjarkes protesten, besloot ik de sleutel in een willekeurig hangslot van een willekeurig boothuis te steken. MIS! (Je kent het wel: dat stiefzuster-met-het-glazen-muiltje-gevoel). Maar koppig als ik ben, gaf ik de moed niet op. Een eind verderop was een man bezig bij zijn boothuis en hoewel Bjarke geen heil zag in het hulp vragen aan willekeurige voorbijgangers, stapte ik wel degelijk op deze man af met de vraag of hij wist waar het boothuis van Cicero zich bevond. Dat kon hij ons helaas niet vertellen... en ook ik begon de onmogelijkheid van ons zoekproject in te zien.

Net toen we besloten terug te keren, werden we opgeschrikt door een luid HALLO. We keken achterom en het onheilspellende HALLO bleek afkomstig van een woestuitziende, kale man. Onschuldig als we waren, gingen we er automatisch vanuit dat een zo'n kwaaie vent onmogelijk naar ons op zoek kon zijn en met zijn woeste geroep slechts het verjagen van de meeuwen beoogde. Maar zodra we weer verder wilde lopen, klonk achter ons opnieuw dat felle HALLO. Op hoge poten kwam hij aanzetten. Van zijn kleinkinderen die bij het boothuis speelden, had hij nl. begrepen dat er twee mensen met een sleutel in het slot hadden lopen morrelen. Aan zijn verhitte kop was zonder problemen af te lezen dat we ter plekke beschuldigd werden van INBRAAK OP KLAAR LICHTE DAG! Pas na een verklaring over onze zoektocht, kalmeerde de man weer enigszins en kon ons vervolgens vertellen dat zijn zus de vorige baas van Cicero was en daarmee ook de oud-eigenaar van het boothuis, die zich aan een geheel ander gedeelte van de fjord bevond.

Hoewel het met een sisser afliep, bleef ik nog lang piekeren over die groffe verdachtmakingen aan mijn adres. Inmiddels ben ik mij pijnlijk bewust van mijn naïeve houding ten opzichte van mijn uiterlijk. Die lieve juffrouw die twee jaar in een kinderdagverblijf heeft gewerkt ziet eruit als een bloedlinke bandiet, de eerste de beste gangster.

En het boothuis... dat hebben we nooit gevonden. Ook op de door de nurks beschreven plek was geen enkel boothuis waarop de sleutel paste...

Eén van deze boothuizen was het in ieder geval niet.

Bodø